Home




Bureau Eerlijke Mededinging

Postbus 566
3440 AN Woerden

Tel. 0348-489555
Fax 0348-489599 t.a.v. BEM

info@bem.nu

 

BEM bestrijdt oneerlijke concurrentie in de horecabranche

 

 
 
 
Bezoek onze geheel nieuwe website: www.eerlijkehoreca.nl
U wordt binnen enkele seconden automatisch doorgestuurd

Welkom bij BEM

Eerlijk spel = Gelijke regels
Eerlijke concurrentie in de Horeca. Daar zet de BEM zich voor in, sinds 1 januari 2000. 40.000 Horecaondernemers hebben recht op een gelijk speelveld. Eerlijk spel = Gelijke regels.

Veel instellingen houden zich net als Horecaondernemingen bezig met eten, drinken en slapen. Vaak is dat prima. Anders wordt het als ze zich bezig houden met commerciële activiteiten, waarvoor ze niet zijn opgericht en daar geen belasting over betalen. Een tennisvereniging mag een glas wijn schenken of een tosti serveren aansluitend aan de sportactiviteiten. Maar het verzorgen van een receptie ter gelegenheid van een 25-jarig huwelijksfeest heeft niets met de sportieve doelstelling te maken. De BEM heeft de taak dit soort overtredingen te signaleren en de overheid aan te sporen de regels te handhaven. BEM! wordt gefinancierd door het Bedrijfschap Horeca en Catering.

Wat is oneerlijk?
Allereerst maken paracommerciële instellingen die - al dan niet gesubsidieerd - buiten hun doelstelling horecadiensten verlenen aan het publiek, zich schuldig aan oneerlijke mededinging. Door subsidiëring en door het gebruik van vrijwilligers, met als gevolg lage loonkosten, kunnen dergelijke instellingen op oneerlijke voet concurreren met de plaatselijke horeca door horeca-activiteiten uit te voeren die vallen buiten de doelstelling van de instelling.

Ten tweede kan, indien horecadiensten worden ontwikkeld op locaties waar dit volgens het bestemmingsplan niet is toegestaan, sprake zijn van oneerlijke mededinging. Met betrekking tot de bestemmingsplanproblematiek geldt de volgende afweging:
Horecaondernemers brengen bij het maken van een bedrijfsplan of toekomstprognose de markt in kaart en tevens de (potentiële) concurrentie. Plaatselijke bestemmingsplannen geven niet alleen aan waar eventuele uitbreidingsmogelijkheden liggen, maar ook waar concurrentie kan ontstaan. Wanneer buiten een bestemmingsplan om door derden horeca-activiteiten worden ontwikkeld, wordt de reguliere horecaondernemer dus beconcurreerd vanuit een hoek waar dat niet te verwachten viel. Bovendien doen zich situaties voor dat een succesvolle horecaondernemer een locatie zoekt om zijn activiteiten uit te breiden, maar daarbij op bestemmingsplantechnische beperkingen stuit, waar derden buiten het bestemmingsplan om wél horeca-activiteiten ontplooien.
Bedacht dient te worden dat de gemeente vaak werkt met horeca-exploitatievergunningen. Ook voor het exploiteren van een sportkantine dient een horeca-exploitatievergunning verkregen te worden en dient dus de bestemming in overeenstemming te zijn met het gebruik. Dit betekent echter niet per definitie dat er geen kantine gevestigd kan zijn als de bestemming geen horeca is maar bijvoorbeeld Bijzondere doeleinden, maar wél dat er geen (commerciële) horeca gevestigd mag worden.

Tenslotte dient bij de oneerlijkheids-vraag tevens bedacht te worden dat verenigingen en stichtingen niet voor niets gekozen hebben voor die rechtsvorm en voor een bepaalde activiteit. Een sportvereniging is opgericht met als doelstelling: " samen voetballen" en niet met de doelstelling "bruiloften organiseren, de kantine verhuren en winst maken". Hierbij komt dat het er ook niet echt aantrekkelijker op wordt als de fiscus de vereniging toch een winstoogmerk aanrekent. Maar die afweging is niet aan de gemeente om te maken.
De toetsing bestaat uit een belangenafweging zoals gesteld in artikel 4 van de Drank- en Horecawet. Bij iedere aanvraag dient in principe een belangenafweging gemaakt te worden of het noodzakelijk is voorwaarden en beperkingen te stellen gezien de plaatselijke en regionale omstandigheden in het kader van het voorkomen van oneerlijke mededinging.
Bij deze belangenafweging zijn er drie 'spelers'; de plaatselijke commerciële horeca, de niet-commerciële horeca (die zich bezig houden met activiteiten van recreatieve, sportieve, sociaal-culturele, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige aard) en de gemeente in haar taak om zorg te dragen voor gezonde mededinging en als uitvoerder van de Drank- en Horecawet. De gemeente is in deze degene die de belangenafweging dient te maken.

Hoe werkt de BEM?
Vanuit de plaatselijke commerciële horeca kunnen klachten ten aanzien van oneerlijke concurrentie van paracommerciële instellingen gemeld worden bij het Bureau Eerlijke Mededinging. BEM stelt een onderzoek in en stuurt bij de gemeente aan op handhaving om de illegale situatie te beëindigen.

BEM reageert snel op gemelde overtredingen. Overleg is in eerste instantie altijd het sleutelwoord. Redelijkheid verdient de voorkeur boven confrontatie. Maar waar begrip ontbreekt, worden juridische middelen ingezet . Desnoods via de rechter. Als de hardwerkende horecaondernemer moet voldoen aan wetten en regels die zijn kosten verhogen, geldt dit natuurlijk ook voor anderen die zich op de commerciële markt begeven. Hier geldt het motto: zacht waar het kan, hard waar het moet.

BEM Advies
Als expert op het gebied van oneerlijke concurrentie is de BEM  een autoriteit. 20 jaar jurisprudentie kent geen geheimen voor onze juristen. Daarom zijn we in staat naast horecaondernemingen en bestuurders ook de gemeentelijke bestuurders en ambtenaren vanuit onze ervaring professioneel te adviseren. Regelgeving wordt in toenemende mate gedecentraliseerd. Dat vraagt van de lokale overheid een professionaliseringsslag op verschillende terreinen. Op het gebied van mededinging is BEM in dit licht een goed toegeruste partner om mee samen te werken.